Elisabeth van Thüringen
Plaats in de kerk: tweede raam met afbeelding, boven links
Ontwerp: Jozef Duffhauss, 1961
Het verhaal
Zij wordt geboren in 1207 als dochter van koning Andreas II van Hongarije en zijn vrouw Gertrudis. In haar vierde levensjaar wordt zij gekoppeld aan Lodewijk, zoon van de Thüringense landgraaf, en op de Wartburg bij Eisenach samen met hem grootgebracht. In 1221 trouwen zij en er worden uit hun huwelijk drie kinderen geboren.
Tijdens de hongersnood van 1226 staat Elisabeth armlastigen terzijde. Hoewel Lodewijk haar dit verbiedt, gaat zij door met het bakken en uitdelen van brood. Op een dag komt hij haar op straat tegen en ziet dat haar schort gevuld is. Hij laat haar het schort openen, maar in plaats van broden liggen er rozen in.
Aan het huwelijk komt abrupt een eind als Lodewijk een jaar later op kruistocht sterft aan de pest. Omdat ze Lodewijk gezworen heeft nooit meer met een ander te trouwen, weigert ze een huwelijksaanzoek van haar zwager. Deze neemt Elisabeth haar kinderen af en ook alle bezittingen worden haar ontnomen, met inbegrip van de Wartburg.
Elisabeth wordt lid van de Derde Orde van Sint Franciscus en houdt zich bezig met de zorg voor zieken in het hospitaal dat ze in Marburg laat bouwen.
Op 24-jarige leeftijd sterft ze. Vier jaar later wordt ze heilig verklaard en boven haar graf in Marburg wordt een naar haar genoemde kerk gebouwd.
Talloze ziekenhuizen worden later naar haar genoemd.
De afbeelding
De gouden kroon op het witgesluierde hoofd geeft aan, dat het hier een koningin betreft. Haar naam staat daarboven vermeld: H. ELISABETH. De paarsgetinte nimbus rond haar hoofd duidt op haar heilig zijn. Zij draagt een blauwe mantel, die met een gouden gesp bijeengehouden wordt. Hieronder is een lange, rode japon zichtbaar met een goudkleurige ceintuur om de middel. Onder de zoom komt de neus van haar gouden muiltjes tevoorschijn.
Haar linkerhand ondersteunt een met brood gevulde korf tegen haar buik. In de rechterhand ligt een stuk brood dat zij aan iemand uitdeelt. Haar hoofd is enigszins gebogen met de ogen gericht op de voor haar staande of liggende behoeftige(n).
Onder haar voeten staat op een hoopvol groene achtergrond een karaktereigenschap van Elisabeth geschreven: MEELIJDEND. De kleurrijke gestalte staat in een achtergrond van lichtgetinte glas-in-loodruitjes.
Elisabeth van Thüringen was weldoenster en nam het op voor de armen. Een voorbeeld voor pastoor Duffhauss.
meer informatie :
volgende : Magdalena
vorige : Theresia