Kapel van de Heilige Eik, Oirschot

Maria Hemelvaart


Plaats in de kapel: 3e raam rechterzijde
Jos van Dormolen, 1947

Het verhaal

Zowel in de oosters-orthodoxe als in de rooms-katholieke kerk worden de tenhemelopneming en de kroning van Maria door God beschouwd als ultiem eerbewijs aan haar.

Over haar dood bestaan verhalen die men apocrief noemt, dat wil zeggen: niet erkend door het kerkelijk gezag. Er gaan verhalen, dat Maria tussen 36 en 50 jaar na Christus gestorven is. Dat kan in Jeruzalem zijn geweest of in Efese. De apostelen, op Thomas na, zouden bij haar overlijden aanwezig zijn geweest en haar begraven hebben. Thomas, teruggekeerd, gaat naar haar graf. Hij zou daar getuige zijn geweest van de tenhemelopneming van Maria. Zij zou daarbij haar gordelriem aan hem geschonken hebben als bewijs. Zijn medeapostelen geloven hem niet en gaan naar Maria's graf om te controleren of wat hij heeft gezegd waar is. Het graf blijkt leeg te zijn.

De afbeelding

De gedaante van Maria is verticaal opwaarts naar de hemel uitgestrekt, de armen opgeheven. Haar met goud omlijste gezicht is omhoog gericht, maar de blik in haar ogen heeft de aarde nog niet verlaten. Zij zweeft hier boven een bloeiende rozenstruik. Haar hemelvaart wordt bijgewoond door de twee dierbaarste apostelen van Maria's zoon Jezus: Johannes, links en Petrus, rechts op de afbeelding.

Johannes, op zijn knieƫn gevallen, kijkt gefascineerd, maar enigszins verbijsterd toe, gezien zijn gespreide arm(en). Petrus heeft zijn handen biddend samengevouwen en kijkt, onder de indruk, respectvol omhoog naar de opstijgende Maria. Het tafereel speelt zich af in een lommerrijke omgeving.

meer informatie :

vorige : Pinksteren