St. Petrus' Banden, Oirschot

Verschijning van Jezus


Plaats in de kerk: de kooromgang van de apsis; rechterraam, linksboven
Henri Redig, 1877

Het verhaal

Na de kruisiging en verrijzenis van Jezus hebben zijn moeder Maria en de apostelen zich opgesloten uit angst voor de volkswoede van de Joden.
Opeens is er onverklaarbaar een windvlaag en staat Jezus bij hen: ‘Vrede zij met u,’ groet Jezus en toont zijn handen en zijde, waarin de wonden door de kruisiging zichtbaar zijn.
Hij vervolgt: ‘Zoals de Vader mij heeft uitgezonden, zo zend ik jullie uit.’ Vervolgens blaast hij over hen heen en zegt: ‘Ontvang de Heilige Geest. Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven; vergeven jullie ze niet, dan zijn ze niet vergeven.’

De afbeelding

De verrezen Jezus is onmiddellijk te herkennen aan zijn door een kruis doorsneden nimbus. Dat hij niet meer van deze aarde is, is zichtbaar gemaakt door zijn zweven op een wolk. Ook is hij omringd door de mandorla, een amandelvormige hemelse stralenkrans. Jezus’ mantel is auberginekleurig, welke symbool kan staan voor zijn lijdensweg, maar tevens voor zijn goddelijke hoogwaardigheid. Hij legt hier zijn linkerhand als zegening op de kruin van Petrus. Deze is herkenbaar aan zijn korte grijze baard en kalend voorhoofd. Hij ligt met gevouwen handen op de voorgrond geknield. Jezus zet met zijn rechterhand kracht bij aan zijn woorden, zoals in het verhaal staat. Achter Petrus staat Maria, moeder van Jezus. Op de achtergrond slaan de mede-apostelen van Petrus de zegening gade. Het felrode onderkleed van Petrus, wijzend op zijn elan om zijn opdracht te vervullen, is grotendeels bedekt door zijn overkleed, groen als kleur van hoop.

Op de witte wapperende banier staat: PASCE * OVES * MEAS Latijn voor ‘weid mijn schapen’.

In de kruisvorm boven in het raam zijn centraal de sleutels van de hemelpoort te zien op een rode achtergrond, omringd door druivenbladeren.

meer informatie :

volgende : een engel bevrijdt Petrus van zijn banden

vorige : Petrus en Johannes bij het lege graf