Doopsel

Doopsel


Plaats in de kerk: eerste en tweede raam links
Ontwerp en uitvoering: Pierre van Rossum, 1950

Het verhaal

Het doopsel is een van de zeven sacramenten van de Katholieke Kerk. De dopeling wordt overgoten met doopwater of erin ondergedompeld. Na het doopsel is men bevrijd van de erfzonde en opgenomen in de gemeenschap van gelovigen. Door het doopsel wordt een mens opgenomen in de Katholieke Kerk. Het doopsel is het fundamentele sacrament van de christelijke initiatie.

De rooms-katholieke, oosters-orthodoxe en de meeste protestantse kerken kennen de kinderdoop, waarbij een kind zo jong mogelijk wordt gedoopt. De doop wordt door een priester uitgevoerd, maar in noodsituaties mag iedereen dopen.

De afbeelding

Geen toeval, dat het doopsel linksachter in de kerk begint. Daar bevond zich oorspronkelijk de doopkapel-met-doopvont, de huidige gedachteniskapel (zie Architectuur). Twee lammetjes hebben, op het linker raam, een opspringende waterbron bereikt. Het water spuit in brede en hoge bogen uit de rotspartij en over de lammetjes. In de helder blauwe lucht vliegt de witte duif, symbool van de goddelijke Heilige Geest. De jonge dieren zijn zich niet bewust van het gevaar van de loerende wolf, symbool van de duivelse kwaadheid. Deze wordt echter verjaagd door de duif met een verblindend stralende gouden doek.

Op het rechter raam vervolgen de schapen en hun lammeren hun weg. De lucht begint te betrekken, de schemer treedt in.

Schenking: door giften.

meer informatie :

volgende : Vormsel

vorige : de schaapjesramen