Vormsel
Plaats in de kerk: derde en vierde raam links
Ontwerp en uitvoering: Pierre van Rossum, 1950
Het verhaal
Het vormsel is het tweede sacrament. Hierdoor ontvangt een gedoopte de kracht van de Heilige Geest, zodat hij zijn geloof standvastig kan belijden. Het is de bekrachtiging van het doopsel en de voltooiing van de rooms-katholieke initiatie. De bedienaar van het vormsel is in principe de bisschop, maar hij kan zijn bevoegdheid overdragen aan een priester. In Nederland wordt het vormsel toegediend rond het twaalfde levensjaar.
Het vormsel vindt plaats door middel van handoplegging en zalving met chrisma (gewijde olie). Op deze wijze ontvangt het kind de zeven gaven van de Heilige Geest: sterkte, verstand, ontzag, inzicht, wijsheid, kennis en liefde voor Gods naam.
De afbeelding
De zeven gaven zijn op het linker raam zichtbaar gemaakt door duiven, maar waarschijnlijk om artistieke redenen zijn er zes afgebeeld. De zeven eikels die op de grond liggen, maken dat goed. Er zijn overwegend ronde, gebogen lijnen gebruikt.
De vleugelslagen, de zwierige vlucht van de duiven en de golfslag van het ontspringende bronwater geven sprankeling aan de voorstelling.
Gelouterd door het heilzame bronwater liggen de schapen vredig in de schaduw van de boom, te zien op het raam rechts. Zij staan op het punt verder te trekken. De horizontale lijnen in de luchtpartij lijken de schapen de weg voorwaarts te wijzen.
In het linker raam staan de initialen van de schenkers: C.D.v.H. Familie Duffhauss-van Heijst. Het rechter raam: schenking door diverse giften.
meer informatie :
volgende : Eucharistie
vorige : Doopsel