Jacobus de Meerdere, Den Dungen

de marteldood van Jacobus


Plaats in de kerk: apsis priesterkoor
F. Nicolas & Zonen, 1930

Het verhaal

Omstreeks het joods paasfeest van het jaar 44 wordt Jacobus in Palestina op bevel van koning Herodes Agrippa I gedood. In de Handelingen van de Apostelen lezen we: ‘Omstreeks die tijd nam koning Herodes enkele leden van de gemeente gevangen en mishandelde hen. Jacobus, de broer van Johannes, liet hij met het zwaard ter dood brengen.’ Over de reden van deze terechtstelling zeggen de Handelingen niets, maar volgens een legende weigert hij met de koning in debat te gaan.

De afbeelding

In het midden zien we Jacobus de Meerdere die de voltrekking van het vonnis lijdzaam lijkt af te wachten. Hij knielt op de grond, met de ogen neergeslagen en de handen gevouwen. Het hem toebehorende attribuut, de pelgrimsstaf met kruikje, ligt voor hem. Rechts heft de beul het zwaard om de genadeslag toe te brengen. Achter hem bevindt zich een grote burcht, waarmee de wereldlijke macht wordt aangeduid. Symbolen van Jacobus’ martelaarschap zijn de rode kleur van zijn gewaad en de palmtak in de hand van de engel, die boven Jacobus verschijnt.

Van het groepje links dat getuige is van de onthoofding, is de voorste figuur een heilige. Dat zien we aan de nimbus, de krans rond zijn hoofd. Wie hij is, valt moeilijk te zeggen, waarschijnlijk een van de apostelen.

De scène is in een rijkversierde omlijsting gevat. In de decoratieve zone onderaan bevindt zich een onderschrift: ‘De marteldood van den H. Jacobus den Ouderen’. Centraal boven het tafereel bevindt zich het gemeentewapen van St.-Michielsgestel, met een afbeelding van de aartsengel Michaël die een draak (satan) vertrapt. Er was een goede reden dit wapen hier af te beelden, want een deel van de gemeente St.-Michielsgestel, namelijk het dorp Maaskantje, maakte deel uit van de Dungense parochie.

Boven het wapenschild zijn twee heiligen afgebeeld met hun naam in een rode nimbus: links Servatius, bisschop van Maastricht, en rechts de diaken Vincentius met staf en martelaarspalm.

Helemaal boven in het venster is een gekroonde roos te zien, vermoedelijk bedoeld als Mariasymbool. (In de Litanie van Loreto wordt Maria de ‘mystieke roos’ genoemd.)

Langs de benedenrand een aanroeping: ‘H. Jacobus bid God voor ons’.

meer informatie :

volgende : de overbrenging van de schrijn naar Compostella
vorige : oproep aan Jacobus